Serie ‘Ontmoetingen met Jezus’, ontmoeting 15: Johannes
Naar aanleiding van:Opbenbaringen 1:9-18.
Rode draad door de preek: De onthulling van een stralende Jezus bij Johannes’ ontmoeting op Patmos maakt indruk, bevestigt zijn godheid, en is daarom bemoedigend.
- Openbaring betekent: onthulling.
- Hij, die de gestalte van God had, maakte er geen aanspraak op aan God gelijk te zijn, maar deed afstand van zijn positie en nam de gestalte aan van een dienaar. Hij werd gelijk aan de mensen, en als mens verschenen heeft Hij zich vernederd en werd gehoorzaam tot in de dood – de dood aan het kruis. (Filippenzen 2:6-8)
- Want deze hogepriester kan met onze zwakheden meevoelen omdat Hij, net als wij, in elk opzicht op de proef is gesteld, maar dan zonder te zondigen. (Hebreeën 4:15)
- Jezus is onze hemelse Heer.
- Een hemelse ontmoeting.
- Op een moeilijk moment in het leven.
- Jezus kies de zondag voor een bemoedigende ontmoeting.
- Dit visioen sluit aan bij het visioen van Daniel 7.
- De figuur is priester-koning.
- Wijs en bijzonder machtig.
*Tweesnijdend zwaard => het is in staat de opvattingen en gedachten van het hart te ontleden. (Hebreeën 4:12) - Deze ontmoeting stelt je voor de keuze: ben je kerklid of volgeling van Jezus?
- Hem werden macht, eer en het koningschap verleend, en alle volken en naties, welke taal zij ook spraken, dienden hem. Zijn heerschappij was een eeuwige heerschappij, die nooit ten einde zou komen, zijn koningschap zou nooit te gronde gaan. (Daniel 7:14)
- De eerste en de laatste: Gods zelfopenbaring tot een volk in ballingschap. (Jesaja 44:6; 48:12)
- Dit ‘ik ben’ is een echo van Gods ‘Ik ben’ tegenover Mozes.
- De handoplegging: een gebaar vol liefdevolle genade.
- Als een moeder ontfermt Jezus zich over Johannes.
- De eerste en de laatste maakt alles af.
- Ook de kerk is veilig bij Hem.
- Zijn stem moet wel hoorbaar blijven.
- De zondag als dag waarvan we daarvoor veel mogen verwachten als we er ons voor openstellen.
Om over na te denken:
- Wat komt in jouw geloof het meest naar voren: de menselijke kant of de goddelijke kant van Jezus Christus?
- Jezus loopt te midden van de kandelaren. Die kandelaren zijn de gemeenten die samen zijn wereldkerk vormen. Jezus is door zijn Geest aanwezig in de gemeente. Merk jij dat ook? Hoe?
- Op welke manier wordt Jezus in de Ontmoetingskerk verheerlijkt?
- Johannes raakt in vervoering op de dag van de Heer (zondag). Hoe zorg jij ervoor dat de zondag een dag is om geestelijk gevoed te worden, ook in een drukke week?
- Jezus noemt Zichzelf de Eerste en de Laatste. Wat betekent het voor jouw rust enzekerheid dat Hij het begin én het einde van jouw leven in handen heeft?
- De beschrijving van Jezus is zeer symbolisch (ogen als vuur, stem als vele wateren, etc.). Welke eigenschap van deze heerlijke Jezus spreekt jou het meeste aan en waarom?
- Jezus legt Zijn rechterhand op Johannes en zegt: “Wees niet bevreesd”. Waar ben jij op dit moment bevreesd voor in de wereld of in je eigen leven? Hoe spreekt deze tekst daarin?
- Als je deze passage (8-18) overziet, welke specifieke ‘bemoediging’ voor de gemeente van nu pik je daaruit op
Om na te lezen
Daniel 8
Gebed
Om Jezus te aanbidden kun je mooi gebruik maken van de formuleringen zoals Johannes 1 die gebruikt om Jezus groot te maken. Bijvoorbeeld:
Heer Jezus Christus, U bent de Alfa en de Omega. U bent Degene die is, die was en die komt: de Almachtige. Wanneer ik stilsta bij Uw hemelse majesteit en luister naar Uw stem die klinkt als ruisend water, overvalt mij ontzag. Ik buig mij – net als Johannes – in verwondering en aanbidding voor U neer. Dank U wel dat U ook naar mij toe reikt, Uw rechterhand op mij legt en zegt: “Vrees niet.” Dank U dat U de Eerste en de Laatste bent. U was dood, maar U leeft tot in alle eeuwigheid! U heeft de sleutels van de dood en van het dodenrijk in handen. Omdat U leeft, hoef ik niet bang te zi jn voor wat de toekomst brengt. Laat Uw woorden van vrede en troost diep in mijn hart landen. Geef mij de moed om vandaag als Uw getuige te leven, gesterkt door de wetenschap dat U regeert en mij vasthoudt. Amen.